Joke Linders in algemeen dagblad 29 maart 1996: Het geheim van Nolets boek schuilt in de geestige parafrase van de werkelijkheid. De humor ontdoet de emoties van hun zwaarte, waardoor de ernst van een verstoorde vriendschap en het aarzelend tasten in de wereld van de volwassenheid eerder een bevrijdende lach oplevert dan bloedserieus geweeklaag. Dat Nolet voor die relativering een vrouwelijke hoofdfiguur koos, mag gerust een unicum genoemd worden.

Judith Eiselin in de N.R.C 23 april 1996: 'Beatrijs Nolet lijkt zich het dertienjarige levensgevoel haarscherp te herinneren. Wat Ravia overkomt is misschien allesbehalve spektaculair, maar toch boeit dit dagboek van het begin tot het eind en is het om (hardop) om te lachen. Nolet beschreef het doen en laten van Ravia zoals Sue Towsend dat van Adrian Mole, zonder in geforceerd jongeren jargon te vervallen (op een enkel tof na) maar wel vlot leesbaar. De stijl van dit dagboek is volwassen en toch is de toon duidelijk die van een dertienjarige. Dat geldt ook voor de beeldspraak <...> De kwaliteit van het dagboek is verrassend.'